Alle berichten van Vincent

Djoera Eerland

Ik ben 20 jaar werkzaam in de energiesector, zowel aan de kant van de leverancier als van de netwerkbeheerder. De rode draad is altijd geweest: diep inzicht krijgen in wat mensen drijft, wat hun behoeftes zijn en daar proposities op ontwikkelen.  Dat doe ik nu bij buurkracht: de kracht die buren samen hebben om hun buurt mooier, beter, groener, veiliger of gezelliger te maken.www.buurkracht.nl

Nelleke Nelis

Nelleke Nelis, eigenaar Making Space. Een bouwkundige die schakelt tussen de bouwwereld en de wereld van de woonconsument. Ik heb een jarenlange ervaring in het informeren, betrekken en overtuigen van bewoners(groepen) op elk moment in de klantenreis. Met mijn bouw- en woontechnische achtergrond kan ik informatie “vertalen”, heb ik inzicht in de wensen van bewoners en hoe je deze kunt laten aansluiten op een meestal niet zo gewenst energiebesparingsplan.

Mijn missie: In energiebesparing kun je niet wonen, maar met wonen als uitgangspunt kun je bewoners wel verleiden tot energiebesparende maatregelen.

Groenewijkstroom in Arnhem en Nijmegen

Steeds meer huishoudens in Nederland maken tegenwoordig de stap naar het zelf opwekken van energie, voornamelijk door het aanschaffen van zonnepanelen op het dak. Echter wordt deze energie niet altijd optimaal gebruikt en gaat er op piekmomenten van de opwekking wegens overschot energie verloren, terwijl er tijdens piekmomenten van gebruik een tekort kan ontstaan. Vanuit het idee om deze decentraal opgewekte energie beter te kunnen benutten op piekmomenten zijn twee Arnhemse ontwerpers, Luuk Wiehink en Roel Oortgiesen, aan de slag gegaan om wijken nog groener en socialer maken. Met het concept van Groenewijkstroom zijn ze de strijd aangegaan om zelf-opgewekte energie beter in de buurt te verdelen en er een sociale innovatie van te maken.

Het principe van Groenewijkstroom is gebaseerd op een lokale valuta, wat het uitwisselen van de energie van zonnepanelen in de buurt moet stimuleren. Huishoudens kunnen via een simpele app op hun smartphone de zonne-energie van de buurt in de gaten houden, en zo gebruik maken van de energie. Het gebruik van deze energie wordt beloond middels munten van de lokale valuta (E-punten), die bij lokale, aan de app aangesloten, ondernemers uitgegeven kunnen worden. Door gebruik te maken van de data van de al aanwezige slimme meters is het een goedkoop systeem en relatief simpel te implementeren. Dit maakt het gebruik voor de bewoners ook een stuk toegankelijker.

Op dit moment lopen er twee pilotprojecten, waarbij Groenewijkstroom wordt toegepast in wijken in Arnhem en Nijmegen. Deze twee projecten bij elkaar tellen zo’n 150 deelnemers. De ambitie is om door te groeien en in meerdere steden in Nederland aan de slag te gaan. Daardoor zou de teller voor het aantal deelnemers volgend jaar op 1000 moeten staan, verspreid over 7 wijken.

Het gehele concept van de buurtvaluta en het delen van de energie is in samenwerking met de bewoners ontwikkeld. Als ontwerpers kwamen Luuk en Roel met de basis voor het idee om het probleem van het energie-overschot aan te pakken, waarna door middel van gesprekken en enquêtes de eindgebruikers ook betrokken werden. Gedurende het pilotproject wordt er nog steeds veel feedback gevraagd aan de bewoners om het idee te optimaliseren.

Naast het stimuleren via de financiële weg, merkt Groenewijkstroom ook zeker dat het gevoel van sociale cohesie de bewoners motiveert om zich aan te sluiten bij het concept. Bewoners voelen zich meer betrokken bij de buurt en dragen daarnaast ook nog bij aan een duurzame omgeving. Hierdoor trekt het ook bewoners die van nature niet bezig zijn met een duurzame levensstijl. Daarnaast was het via de bewonersvereniging mogelijk om de bewoners ook echt te bereiken. Door middel van animatiefilmpjes was het concept makkelijk toe te lichten en kon de problematiek van het onbekende overwonnen worden. Al met al zijn de bewoners veel bij het project betrokken en kan het pilotproject hopelijk snel uitgebreid worden.

Bekijk voor meer informatie de website van Groenewijkstroom hier.

 

Verduurzamen in drie muisklikken

Hoewel het verduurzamen van je huis al langere tijd mogelijk is, is het voor veel huiseigenaren een te hoge drempel om dit ook daadwerkelijk te doen. Men moet zoeken naar de passende mogelijkheden voor zijn/haar huis en wat deze aanpassingen dan uiteindelijk kunnen opleveren in de toekomst. Dat moet makkelijker kunnen dacht Jasper Kol. En wel in een proces van drie muisklikken.

Om dit plan ook in werkelijkheid om te zetten, richtte hij SEP op (Self-sufficient Energy Platform). Met 10 jaar ervaring in cultuur- en gedrag veranderende projecten zag hij kansen in het stimuleren van de verduurzaming van woningen. Door een netwerk te creëren met de juiste leveranciers en zakenpartners kan een toegankelijk platform ontstaan waar woningeigenaren op een eenvoudige manier hun woning kunnen verbeteren door het zelfvoorzienend te maken. Met de huidige beschikbare data in Amsterdam (geografische data, energiegebruik, inkomen etc.) beschikt het platform over unieke informatie per woning. Op die manier kunnen bewoners die ingelogd zijn op het platform gegevens vinden van hun eigen woning, bijvoorbeeld het energieverbruik. Dit geeft hen inzicht in de duurzame toepassingen die bruikbaar zijn voor hun huis, resulterend in op maat gemaakte oplossingen.

Momenteel heeft het platform de eerste testfase afgerond. Om zoveel mogelijk op de behoefte van de uiteindelijke gebruikers, de woningeigenaren, in te spelen, zijn er meerdere bewoners betrokken geweest bij deze testfase. De start van het platform richt zich op Amsterdam Zuidoost in samenwerking met Transformcity, die al langere tijd in deze wijk actief zijn. In een buurtcentrum in Holendrecht Oost konden bewoners het platform testen. Het evenement werd gepromoot met behulp van flyers en posters, waardoor uiteindelijk meerdere woningeigenaren hun mening over het product konden geven. Het platform werd zeer positief ontvangen, waardoor het nu verder kan naar de tweede testfase, waarbij verschillende toepassingen en uitbreidingen onderzocht zullen worden.

Ondanks dat het platform zich momenteel richt op de Amsterdamse wijk Holendrecht, zullen veel meer woningen de stap naar een duurzamer huis moeten maken. Om de uiteindelijke doelstellingen voor zelfvoorzienende woningen te behalen, zullen woningeigenaren door heel Nederland actie gaan ondernemen. Met de eenvoud van SEP is Jasper van plan deze grote doelgroep te stimuleren hun woning zelf aan te pakken, om de bestaande woningvoorraad op grote schaal te verduurzamen.

Noodlift noodzakelijk?

Toen er in een seniorencomplex van huurdersplatform Parteon een lift stuk ging, zou deze zo snel mogelijk gerepareerd worden. Echter moest er een speciaal onderdeel voor de lift uit Duitsland komen, wat vertraging voor het proces zou opleveren. Een noodlift zou erg veel extra kosten met zich meebrengen voor deze periode, waardoor er gezocht werd naar een andere oplossing. Na een dag lang nadenken werd er voorgesteld via een uitzendbureau iemand in te huren die de senioren kon ondersteunen en daarmee de lift kon vervangen. Er werd een seniorenman gevonden, die deze taak op zich wou nemen. Hij hielp de bewoners met vuilnisophalen, honden uitlaten, boodschappen halen en andere kleine taken. Wanneer er een speciaal geval was, zoals een bezoek aan het ziekenhuis, werden vakmannen gevraagd een handje te helpen.

Hoewel deze aanpak in eerste instantie uit nood is ontstaan, maakt Parteon inmiddels al 3 a 4 jaar gebruik van de methode. Tegenwoordig gaat de aanpak meer volgens planning en kunnen bewoners vooraf aangeven waar ze hulp bij nodig denken te hebben, zodat dit vanaf het begin af aan meegenomen kan worden. Naast dat deze methode kosten bespaard voor Parteon, levert het ook veel nieuwe interactie op. Er ontstaat veel meer contact met de huurders, doordat het een praatje met ze wordt gemaakt en gevraagd wordt naar hun wensen wat betreft hulp. Zeker voor alleenstaande ouderen is dit sociale aspect wenselijk en worden de hulpverleners meerdere malen voor een kopje koffie uitgenodigd. Ook contacten met andere instanties zijn verbeterd, zoals bungalowparken voor wanneer bewoners echt te veel hulp nodig hebben om in hun woning te blijven tijdens het ontbreken van een lift.

Deze oplossing voor het besparen op een noodlift lukt echter niet altijd. Sommigen woningblokken zijn nou eenmaal te complex, waardoor een noodlift wel noodzakelijk is. Maar in de gevallen waar het wel mogelijk is weet Parteon op deze manier geld te besparen en tegelijkertijd de sociale interactie te verhogen. Een mooie combinatie voor een creatieve oplossing bij een veelvoorkomend probleem.

 

 

Een Vitale Organisatie

Dit is het vervolg op mijn blog “De Toekomstbestendige Corporatiemedewerker”. Daarin schetste ik de trends op het gebied van werk en werkomgeving waar corporaties en medewerkers mee te maken krijgen. Hoe blijf je als mens en organisatie in die veranderende wereld overeind? Hoe blijf je gezond en vitaal? Dat schets ik in deel 2:

Albert Sonnevelt heeft in zijn boek ‘De Levenscode’ zes lagen van de vitaliteitspiramide uitgewerkt. Wat heb je als mens nodig in je leven om je energiek en vitaal te voelen? Je verwacht dat voeding en beweging op de eerste plaats staan. Dat is niet zo.

Vitaliteitspiramide

De vitaliteitspiramide

Albert Sonnevelt stelt:

  1. Zinvol leven: Om je vitaal te voelen is het belangrijk je leven een doel te geven.
  2. Sociaal netwerk: Zorg dat je genoeg vrienden hebt die er in goede en slechte tijden voor je zijn.
  3. Positief denken: Hoe je denkt heeft invloed op je gezondheid.
  4. Regelmatig herstellen: Zorgen voor rust en herstel draagt bij aan je vitaal te voelen.
  5. Genoeg bewegen: Bewegen is niet alleen goed voor je botten en spieren, maar houdt ook je hart en bloedvaten in conditie.
  6. Goede voeding: Goede voeding is gezond eten waarbij je alle benodigde bouwstoffen binnenkrijgt om lichamelijk en geestelijk optimaal te functioneren.

Een vitale corporatie met vitale mensen

Ik vertaal deze elementen naar wat een corporatie en haar mensen nodig hebben in deze tijd van veranderingen, onzekerheid en soms ook onduidelijkheid. Je moet nadenken hoe je als organisatie toekomstbestendig kunt zijn. Gezond en vitaal worden, dat is wat je wilt!

1.      Zinvol werken: “de bedoeling”
We hebben het altijd over een stip op de horizon zetten. Maar ik heb het liever over “de bedoeling”. Dat kunnen zelfs meerdere stippen zijn! Als je niet weet wat “de bedoeling” is, is de kans klein dat je komt waar je wilt komen. Alle medewerkers moeten weten wat “de bedoeling” is. Ze moeten erin meegenomen worden en ze moeten er in willen meegaan. Dat werkt het beste als ze van het begin af aan worden meegenomen in het proces. Formeer bijvoorbeeld een klein slim groepje met een doorsnede van mensen uit alle lagen van de organisatie, om te praten over “de bedoeling”. Je zult verrast zijn van de creativiteit en het innovatievermogen van mensen. Als mensen deel uitmaken van een team dat dezelfde “bedoeling” heeft, nemen ze zelf initiatief en denken ze mee over de weg er naartoe.

2.      Sociaal netwerk: je collega’s
Collegialiteit houdt in dat je je collega’s helpt en ondersteunt wanneer dat nodig is en rekening houdt met hun behoeften en belangen. Soms zijn de verschillen tussen collega’s groot en ontstaan er irritaties. Investeer dan eens in een manier om jezelf én elkaar goed te leren kennen. Een beproefd en praktisch instrument dat ik hiervoor vaak inzet is MBTI® (Myers-Briggs Type Indicator). Er ontstaat een uniek inzicht in wat mensen beweegt, zodat je snel een teamanalyse kunt maken en strategieën kunt vormen voor het vergroten van teamprestaties. Met dit persoonlijkheidsinstrument als stevige onderlegger kun je teamprestaties dus snel verbeteren. De relaties en communicatie binnen teams en tussen collega’s worden zichtbaar beter. Je haalt letterlijk het beste uit jouw mensen. Door deze inzichten ontstaat openheid en respect voor elkaar. Hierdoor zijn jij en je collega in staat een positieve bijdrage aan de (werk)sfeer op de afdeling en in de organisatie te leveren. Collegialiteit en teamspirit zijn van vitaal belang voor een organisatie.

3.      Positief denken: klantgericht denken
“De bedoeling” die je als organisatie bepaalt, heeft meestal betrekking op betekenisgeving: je wilt iets doen voor een klant, die deze dingen niet zelf kan doen. Dat voelt goed! Zeker als je dat doet op een plek met fijne collega’s en waar je met veel plezier kunt werken.

4.      Regelmatig herstellen: reflectiemomenten
Ik sprak laatst een manager Wonen die in haar agenda elke vrijdag 2 uur heeft geblokt voor “reflectie op de week”. Hoe gaaf zou het zijn als we allemaal regelmatig de tijd nemen om terug te kijken op wat je hebt gedaan en in hoeverre dat bijdraagt aan “de bedoeling”. Ook zou je elk kwartaal of per halfjaar met het gehele team een inspiratiedag kunnen organiseren waarbij je reflecteert én vooruitkijkt met elkaar. Een dag waar de mensen ook geïnspireerd worden het beste uit zichzelf en elkaar te halen. Ik organiseer regelmatig van dit soort teamdagen en het werkt echt! Er ontstaan nieuwe inzichten om met elkaar samen te werken en stappen te zetten richting “de bedoeling”.

5.      Genoeg bewegen: meegaan in verandering
“Hoe krijg ik mijn medewerkers mee in verandering?” is een vraag die ik heel vaak hoor. Ook de medewerkers zelf worstelen met deze vraag. Ze voelen zich onzeker en onstabiel door alle veranderingen. Dit is niet alleen een kwestie van goed communiceren. Hier komt meer bij kijken. Het gaat niet om “mensen meekrijgen”, je moet altijd kijken op persoonsniveau. Ook hier is het instrument MBTI® weer heel handig. Daarmee krijg je een gebruiksaanwijzing voor jezelf én voor anderen. Oók als het gaat om wat iemand nodig heeft om mee te gaan in verandering.

6.      Goede voeding: ondersteuning
Gezond eten geeft je de nodige energie. Ook om te excelleren in het werk moeten mensen “gevoed” worden. Mét erkenning en het gevoel dat je ondersteund wordt in je ontwikkeling zul je tot betere prestaties komen.

Door de vele veranderingen en toch wel onzekere tijden in corporatieland voelen medewerkers én leidinggevenden een toenemende druk om te presteren. Je gaat vaak heel erg je best doen en hard werken om jezelf te bewijzen. Dan merk je na een tijdje dat je energie verliest omdat je meer geeft dan ontvangt. In een coachtraject reflecteer ik met je op je eigen manier van doen. Aan de hand van situaties uit het werk, sparren we over de te hanteren aanpak. We houden daarbij jouw kwaliteiten en je professionele gedrag aan als richtinggevend kompas. Door samen te reflecteren op wat er in je werk gebeurt en welke rol je daarin hebt, krijg je nieuwe ideeën en inzichten die je een boost (voeding) geven om zaken te verbeteren of anders aan te pakken. Je wordt gevoed met concrete handvatten die je ook nog kunt gebruiken als het coachtraject is afgerond. Hiermee krijg je zelfinzicht en inzicht in de ander, kun je je communicatie verbeteren, omgaan met stress, leer je omgaan met veranderen, verbetert je besluitvorming en probleemoplossing, leer je hoe je je persoonlijke leiderschapsstijl inzet en verder ontwikkelt en leer je hoe je conflicten kunt hanteren.

Toekomstbestendig

Ik gun het iedereen en iedere corporatie om gezond en vitaal te zijn. Het geeft rust als je bovenstaande zaken op orde hebt. De organisatie bloeit en de medewerkers zijn toekomstbestendig. Ze zetten vol vertrouwen stappen richting een gemeenschappelijk doel: “jullie bedoeling”. Mensen zullen zich bewuster worden van hun kwaliteiten en deze inzetten in hun werk om goed en met veel plezier te werken.

Juli 2018,
Marion Muller – van der Flier
www.vaartinsamenwerken.nl

 

Haarlem: Bewoners gaan zelf aan de slag

Doordat de sloop al langere tijd op de planning stond, is er afgelopen jaren minimaal onderhoud uitgevoerd aan het complex Aart van der Leeuwstraat en omgeving in Delftwijk (Haarlem Noord) en dat is goed zichtbaar! Dit complex uit 1055 bestaat uit 8 blokken, 32 portieken met in totaal 270 woningen.

Nadat er veel geschuif was geweest met de definitieve sloopdatum, bleek dat de woonblokken nog enkele jaren zouden meegaan. Vanuit de bewoners werden er door Pré Wonen signalen ontvangen dat het uiterlijk van de 8 woonblokken vrij snel achteruitging, terwijl bewoners er nog enkele jaren zouden blijven wonen. Doordat de sloopdatum in de nabije toekomst ligt is het niet meer te verantwoorden om hoge kosten te maken aan het complex. Toch wou Pré Wonen graag tegemoetkomen aan de behoefte van bewoners om de uitstraling van het gebouw te verbeteren.

Er werd gekeken naar verschillende oplossingen om de uitstraling van het complex te verbeteren met een likje verf, maar de professionele opties bleken allemaal te duur te zijn. Om tot een goede oplossing te komen waarvoor draagvlak bij de bewoners zou ontstaan, is het gesprek met de bewoners zelf aangeknoopt. Hieruit bleek dat het opfrissen van de entree het best haalbare resultaat zou zijn. In eerste instantie was er een brief rondgestuurd vanuit Pré Wonen met het voorstel om bewoners zelf aan het werken te zetten tegenover een eenmalige korting op de huurprijs. Deze brief werd vervolgd met een informatieavond waarbij 10 bewoners kwamen opdagen. Dit initiatief werd positief ontvangen en uiteindelijk zijn er 8 bewoners aan de slag gegaan met het verven van hun eigen portiek. Hiervoor zouden zij een eenmalige huurkorting van €100 per portiek ontvangen. Inmiddels zijn er 9 portieken die door bewoners worden opgeknapt en dit blijkt aanstekelijk, want er volgen meer aanmeldingen! De overige portieken zullen door het Buurtbedrijf Haarlem geschilderd worden zodat de uitstraling van alle portieken wordt verbeterd.

Bas de Jong: Vooraf was het niet bekend of er bij de bewoners genoeg draagvlak zou zijn om zelf aan de slag te gaan met de portieken. De meeste bewoners waren alleen bereid hun eigen portiek aan te pakken, op drie enthousiaste bewoners na. Deze mensen hebben uiteindelijk 4 portieken gedaan, waarna ze andere mensen hebben geïnspireerd ook mee te doen. In eerste instantie waren we bang voor de reacties van bewoners op het plan, aangezien de sloop van de woningen al aangekondigd was. Achteraf gezien heeft het zeker goed gewerkt. Naast dat de portieken opgeknapt zijn, is door de werkzaamheden op straat de buurt ook weer levendig geworden en hebben buren elkaar leren kennen. Dit brengt naast een visuele verbetering meteen een sociaal aspect met zich mee. Het concept van de bewoners zelf klusjes laten uitvoeren tegen een vergoeding zou zeker vaker gebruikt kunnen worden wanneer het geld voor professionele hulp niet beschikbaar is.

 

Op de foto zie je dan ook een vrolijke en trotse bewoner van de PC Boutensstraat voor zijn geschilderde portiek. Hij heeft niet alleen de muren geschilderd maar ook de voordeur. Met recht een betrokken bewoner uit Delftwijk.

Bewonerscommunicatie is niet de echte sleutel tot succes

We beginnen het in de bouw eindelijk eens te worden over het feit dat het niet de techniek of het geld is dat cruciaal is voor het slagen van een renovatieproject, maar dat de bewoners daarin de werkelijke sleutel tot succes vormen. Er wordt al jaren geroepen dat de klant, de bewoner, centraal moet komen te staan. Waar dit eerst vooral mooie woorden waren, wordt het in de praktijk steeds duidelijker dat mooie woorden alleen niet genoeg zijn. En mocht dat nog in twijfel getrokken worden, dan zorgen de bewoners er tegenwoordig zelf wel voor dat je de daad bij het woord gaat voegen. Zonder hun medewerking kun je het renovatieproject immers wel op je buik schrijven.

Hoewel het tevreden stellen van bewoners en het scoren van een hoog cijfer in bewonerstevredenheid het succes van een project voor een groot deel bepalen, is het niet terecht om dit enkel en alleen op te hangen aan de bewonerscommunicatie. Bewonerscommunicatie kan namelijk niet alles oplossen. Als er een probleem is met een bewoner dan is het waarschijnlijk dat er minstens al op drie andere plekken in het proces verkeerde keuzes zijn gemaakt en valse verwachtingen zijn ontstaan. En vaak komt dit pas bij het persoonlijke gesprek met de woonconsulent aan de keukentafel aan het licht. Niet iedere huurder pakt tijdens een bewonersavond het podium om zijn of haar onvrede te uiten. En vaak wordt tijdens het keukentafelgesprek pas echt duidelijk voor de bewoner wat er gaat gebeuren, hoe het eruit komt te zien en wat de impact op zijn dagelijks leven is.

Lees het hele artikel van Doris de Bruijn hier.

Van het gas af: prima, maar zorg voor draagvlak

Ze vindt het ‘heel positief’ dat het kabinet vol inzet op minder verbruik van aardgas. Laat daar geen misverstand over bestaan. Maar doe het niet overhaast. Denk ook aan de bewoners. Maak kennis met Anke van Hal, hoogleraar duurzaam bouwen met een missie. “Nu vertragen leidt uiteindelijk tot versnelling.”

“We gaan nu aan de slag met energiebesparing in de naoorlogse woningbouw; er is geld, we weten hoe het moet, woningbouwverenigingen zijn er klaar voor.”

Anke van Hal, hoogleraar Sustainable Building and Development aan de Business Universiteit Nyenrode, begint haar lezingen tegenwoordig regelmatig met bovenstaand citaat. Valt u aan deze woorden iets op?, vraagt ze haar toehoorders vervolgens. Zelden krijgt ze een reactie. De quote komt uit 1983 en is al 35 jaar oud, verklapt ze daarna.

Van Hal wil maar zeggen: er zijn in die 35 jaar tal van subsidies voor energiebesparing geweest, er zijn prachtige technieken ontwikkeld die zich ruimschoots hebben bewezen: eigenlijk had de gebouwde omgeving al veel duurzamer kunnen en moeten zijn.

Waarom dat dan níet zo is? Die vraag intrigeerde haar. En – misschien nog wel belangrijker: hoe kan het beter? Rond de millenniumwisseling startte ze haar queeste. Inmiddels heeft ze een antwoord. Sterker, ze denkt te weten hoe we de kansen op succes aanzienlijk kunnen vergroten. Interview met een gedreven professor duurzaam bouwen.

Lees het gehele artikel met Anke hier.

Doen en laten, effectiever milieubeleid door mensenkennis

Nederland staat voor de uitdaging de samenleving en economie verder te verduurzamen. Dit advies gaat over het benutten van kennis over het gedrag van mensen om milieudoelen dichterbij te brengen. Dat dit gebeurt lijkt misschien vanzelfsprekend. Waarom is hier dan toch aandacht voor nodig?

Kennis over gedrag
De overheid neemt een sturende rol op zich als er sprake is van algemeen vastgestelde doelen die de maatschappij als geheel ten goede komen, maar die niet ‘vanzelf’ worden bereikt. Een schoon milieu is zo’n een maatschappelijk doel waarbij ‘het niet vanzelf’ goed gaat, omdat mensen met hun gedrag daar niet vanzelfsprekend aan bijdragen.

Individueel gedrag van mensen wordt beïnvloed door vele factoren, zoals iemands persoonlijke omstandigheden, de afwegingen die iemand maakt of de motieven die iemand heeft. Sommige mensen vinden bijvoorbeeld een schoon milieu niet belangrijk, anderen overzien de consequenties daarvan niet. Of milieuvriendelijk gedrag is duur en moeilijk of iemand denkt dat dat zo is. En soms ligt het milieuvriendelijk gedrag gewoon niet voor de hand. De manier waarop mensen zich gedragen is dus ingewikkeld en per situatie anders. Hoe mensen reageren op beleidsmaatregelen is lang niet altijd te voorspellen vanuit gangbare aannames over de rationaliteit van gedrag. Als bij beleidsbepaling (meer) bewust en systematisch gebruik wordt gemaakt van de kennis die bestaat over hoe en waarom mensen zich in specifieke omstandigheden op een bepaalde manier gedragen, kan de effectiviteit van het milieubeleid worden vergroot. Gelukkig is er inmiddels een overweldigende hoeveelheid kennis beschikbaar over hoe menselijk gedrag werkt en hoe mensen reageren op bepaalde (beleids)ingrepen. En er wordt in het beleid al veel van die gedragskennis gebruik gemaakt. De WRR adviseerde in 2009 in zijn rapport ´De menselijke beslisser: over de psychologie van keuze en gedrag´ om deze kennis zo goed mogelijk te benutten voor het beleid.

Gedragsanalysekader
De Rli gaat nu een stap verder door gedragskennis en mogelijke beleidskeuzes aan elkaar te koppelen met het voor dit advies ontwikkelde gedragsanalysekader. Dit gedragsanalysekader kan beleidsmakers helpen om een zorgvuldige analyse te maken van relevante gedragsbepalende factoren zoals: de kennis en vaardigheden die iemand heeft, zijn of haar drijfveren (motieven), hoe iemands persoonlijke omstandigheden zijn en welke keuzeprocessen in een situatie een rol spelen.

De GedragsToets 2.0
Het gedragsanalysekader is vertaald naar een praktisch hulpmiddel: ‘De GedragsToets’. Met deze toets wordt het eenvoudiger om gedrag mee te nemen in de keuze van beleidsinstrumenten variërend van wetgeving tot het faciliteren en stimuleren van eigen initiatief van mensen. Deze toets helpt beleidsmakers om inzicht te krijgen in welke gedragsbepalende factoren een rol spelen bij het ontwikkelen van milieubeleid. Spelenderwijs leveren de inzichten inspiratie op voor instrumenten die ingezet kunnen worden. De GedragsToets bestaat uit een spel van 130 kaarten. Het kan gespeeld worden met 3 tot 6 personen, bij voorkeur onder begeleiding van een ervaren spelleider die de spelregels kent en kennis heeft van gedrag. Een bijbehorende online companion app biedt ondersteuning bij het doorlopen van De GedragsToets.

Lees de gehele publicatie hier.

De bijdragen en de verschillende auteurs zijn:

  • Dr. M.F. Wesseling, Artsenfederatie KNMG Gedragsbeïnvloeding door overheid ter bevordering van duurzaamheid
  • Prof. dr. M. Korthals, Wageningen Universiteit De overheid als verleidster
  • Dr. F.A. Hindriks, Rijksuniversiteit Groningen De burger als virtuele auteur
  • Prof. dr. L. Bovens, London School of Economics and Political Science De verantwoordelijkheid van de overheid