Veenendaal; actieve ouderen

Met ‘Samen oud en nieuw!’ heeft VVE ’t Kofschip in Veenendaal een enorme energiebesparing weten te realiseren. Juist de oudere bewoners hebben het heft in handen genomen. Voordelen die door gemeenschappelijkheid benut kunnen worden zijn behaald dankzij een intensief traject van onder andere vele huisbezoeken.
De VVE ’t Kofschip II heeft in 2011 en 2012 uitvoering gegeven aan een uitgebreid pakket van energiebesparende maatregelen voor het appartementencomplex. De maatregelen resulteren in 60% besparing op het gasverbruik. Daarmee hebben 21 appartementen een aanzienlijke label sprong gemaakt, van G/E/F naar een energielabel B. Dit betekent een reductie van CO2-uitstoot met ruim 40.000 kg per jaar.
Het initiatief tot het project is genomen door enkele bewoners i.s.m. adviesbureau Espiratie. Alle inwoners zijn vervolgens actief betrokken geraakt bij het project dankzij de intensieve communicatiecampagne van de initiatiefnemers. Actieve bewoners sturen het project, investeren, beslissen en zijn de doelgroep. Op drie bewoners na, is iedereen gepensioneerd. Iedereen ging akkoord met een investering met een looptijd van 12 jaar.
Maatregelen lopen uiteen  van eenvoudige schilisolatie van de (kop)gevel, dak, vloer, vervangen van glas voor HR++ tot vervangen van cv ketels door gasabsorptiepompen met individuele bemetering. Voorwaarde was dat wat uitgevoerd zou gaan worden geen effect op de servicekosten mag hebben. Het slim omgaan met onderhoudsbudgetten en planning maakte de investeringen voor energiebesparing mogelijk.

Bron: juryrapport duurzaamheidsprijs

http://www.utrecht2040.nl/duurzaamheidsprijs/Finalisten2014/samen-oud-en-nieuw

Utrecht: One-Stop-Shop Atelier

Studenten van de Hogeschool Utrecht werken in het One-Stop-Shop Atelier aan de ontwikkeling van verschillende Nul op de Meter (NOM) concepten voor de bestaande woningbouw. De samenwerking hiervoor kan met verschillend MKB bedrijven plaatsvinden, maar in 2013 heeft het eerste team de eerste stap gezet samen met het bedrijf BJW Wonen en hebben ze een eerste Nul op de Meter concept opgeleverd dat gericht is op rijtjeswoningen gebouwd tussen 1965 en 1975.
Het doel is het ontwerpen en ontwikkelen van Nul op de Meter oplossingen voor de bestaande woningvoorraad, die 1) betaalbaar zijn, 2) een extreem goede kwaliteit hebben en 3) aansluiten op de wensen van klanten. De totale propositie bevat minimaal een geheel nieuwe schil (gevel en dak), nieuwe installaties, nieuwe badkamer en een nieuwe keuken. Inmiddels zijn al uitbreidingen van de woning ontwikkeld ten behoeve van zorg en veranderende woonwensen.
Om dit te bekostigen wordt de huidige energierekening vast gezet en niet meer betaald aan de energieleverancier, maar het bedrag wordt over grofweg 20 jaar maandelijks betaald aan de aanbieder van de renovatie (BJW Wonen). BJW Wonen geeft vervolgens garanties af voor de totale prestaties. Een bijkomend en essentieel element is de flexibiliteit van de woning. Het renovatieconcept dient aanpasbaar te zijn naar de veranderende toekomstige vraag, zoals het minder mobiel worden, wijzigingen in de gezinssamenstelling of opkomende innovatieve technologieën.
De ontwikkeling is gebeurd in een interdisciplinair team van studenten in samenwerking met het lectoraat Nieuwe Energie in de Stad van lector Ivo Opstelten. Een nieuwe manier van samenwerken tussen MKB bedrijf en onderzoeks-/onderwijsinstelling, een atelier waar marktpartijen bij elkaar komen om kennis te delen en concrete plannen te ontwikkelen en uit te voeren.
De afgelopen 1,5 jaar is aan diverse prototypen gewerkt. De volgende jaren wordt gewerkt aan het realiseren van zoveel als mogelijk pilotprojecten NOM renovatie van grondgebonden woningen. Er is contact met woningcorporaties, toeleveranciers, financiers, slopers, bewonersverenigingen en particuliere energie-coöperaties. En niet onbelangrijk: de studenten gaan de wijken in, waar potentiele woningen of woongebouwen staan en interviewen potentiele klanten of zij interesse hebben in een NOM propositie. Door deze interviews wordt ook aan vraagarticulatie gewerkt: het concept van NOM krijgt meer bekendheid.

bron: juryverslag Utrechtse duurzaamheidsprijs

http://www.onderzoek.hu.nl/Projecten/One-Stop-Shop-woningrenovatie.aspxhttp://www.utrecht2040.nl/duurzaamheidsprijs/Finalisten2014/one-stop-shop-atelier

Leeuwarden; prijswinnend wijkbedrijf

In het kader van het project Slim & Snel (www.slim-en-snel.nl) deed woningcorporatie WoonFriesland in 2012 een oproep aan het bedrijfsleven om 194 galerijwoningen, 95 grondgebonden huurwoningen en 41 grondgebonden koopwoningen in Leeuwarden een kwaliteitsimpuls te geven. Hiervan moesten zowel de energieprestatie als de woning zelf verbeterd worden. Het ging om een gebiedsgerichte aanpak waarbij ook de leefbaarheid in de wijk een belangrijke rol speelde. Het ontwikkelde vraag- en aanbodproces moest passen binnen het bestaande aanbestedingsbeleid. Voor WoonFriesland ging het er niet alleen om iets op een andere of nieuwe manier te doen, maar juist om iets nieuws te creëren. Het te ontwikkelen proces moest leiden tot een ander type productresultaat: baanbrekende, herhaalbare en innovatieve renovatieconcepten.


Winnaar werd uiteindelijk wijkbedrijf Bilgaard (www.wijkbedrijfbilgaard.nl). Binnen dit wijkbedrijf brengt de wijk vier voordelen voor bewoners samen waaronder energie besparen met behulp van een energiecoach en duurzame energie-opwekking in de vorm van biomassakachels en zonnepanelen. Maar het brengt dus ook grootschalige energierenovaties tot stand. Daarnaast zorgt het wijkbedrijf voor werk in de wijk. Dit werk bestaat onder meer uit hand- en spandiensten tijdens de uitvoering van de woningverbetering, groenonderhoud, woningonderhoud en zelfs klusdiensten, schoonmaak, vervoer van mindervaliden en  sociale hulp, zoals samen boodschappen doen of naar de bibliotheek. Deelnemers kunnen voor hun werkzaamheden tot een maximum van €1.500,- per jaar ontvangen. Tenslotte zet het wijkbedrijf ook  in op een prettigere woonomgeving. Dit door samen met de bewoners veel aandacht te besteden aan de openbare ruimte. De ambities op dit vlak zijn samengevat met de slogan ‘Bilgaard Bloeit!’
In oktober 2014 won wijkbedrijf Bilgaard de landelijke Herman Wijffels Innovatieprijs.

Bergen op Zoom; duurzaam wonen kopen bij Reimarkt

In de zomer van 2012 besloot woningcorporatie  Stadlander  mee te doen met het project Slim & Snel (www.slim-en-snel.nl) met 600 woningen in de regio Bergen op Zoom; 300 van Stadlander en 300 in particulier eigendom. De 600 woningen zijn verspreid over vier gemeentes en tien woonkernen en de ambitie was om de woningen naar een hoog energieambitieniveau te renoveren en voor weer 25 jaar exploitabel te maken. Maar de corporatie wilde ook de huiseigenaren van de tussenliggende woningen een aanbod doen ten aanzien van het verbeteren van de energieprestatie. Het traject startte met een zoektocht naar de juiste consortia. Zij moesten voldoende verbindend vermogen en daadkracht hebben om de complexiteit van de opgave aan te kunnen. Na een oproep waarop massaal werd gereageerd werden de drie meest innovatieve consortia geselecteerd. Deze selectie was voornamelijk gebaseerd op het vertrouwen in de consortia en is gemaakt volgens de Soft Selection Methodology . Tijdens een aantal samenwerkingsdagen werden ideeën verder uitgewerkt en de wensen op scherp gezet. Na de officiële indiening van de plannen bleek echter dat het concept van twee van de drie consortia, niet aan de gestelde eisen voldeed. Alleen het consortium Reimarkt kon officieel door. Dit was een grote teleurstelling voor Stadlander want er was veel respect voor de grote mate van creativiteit van alle drie de consortia. Eind 2014 zijn de oorspronkelijke leveranciers, vanwege het niet kunnen voldoen aan de oorspronkelijke vraag, gewisseld voor andere leveranciers die momenteel de producten als prototype aan het bouwen zijn. De praktijk blijkt dus lastiger te zijn dan de inzet en creativiteit aan de voorzijde tijdens de aanbieding.


Reimarkt is een consortium van 24 bedrijven die samen een nieuwe winkelformule ontwikkelden. Het betreft een 100% marktinitiatief waar de consument écht kan gaan winkelen. De winkel functioneert volgens de retailformule waarbij wordt samengewerkt op het gebied van bewustwording en financiering. De focus en concurrentie ligt op productinnovatie. Of de woning nou volledig energieneutraal moet worden of er alleen een aantal zonnepanelen nodig zijn; bij Reimarkt vindt de klant helderheid over het aanbod én wat het oplevert. Ook de financiering wordt geregeld.
Door slimme productontwikkeling te stimuleren en geautomatiseerde systemen te ontwikkelen, kan Reimarkt verduurzaming veel effectiever aanbieden dan in een traditioneel renovatieproject. Reimarkt is doelgericht door het gebied eerst te scannen op kenmerken als woningtype, leefstijl en energieverbruik. Middels een geautomatiseerde quick-scan krijgen die bewoners gratis een persoonlijk duurzaamheidsadvies. Is de wens om te verduurzamen eenmaal aangewakkerd, dan kan de klant online en offline terecht voor advies op maat en wordt hij persoonlijk begeleid bij zijn aankoopproces.
Reimarkt, in een andere consortiumssamenstelling, werd later ook in Enschede geselecteerd door twee woningcorporaties waardoor de eerste Reimarkt van Nederland in die stad werd gerealiseerd. www.reimarkt.nl

Krimpen aan de IJssel: Openbare jurybijeenkomsten

Woningcorporatie QuaWonen werd in het kader van het project Slim & Snel, zie www.slim-en-snel.nl/cases/quawonen/, uitgedaagd tot een onorthodoxe aanpak van een project van 240 jarenzestig-woningen in Krimpen aan de IJssel. De corporatie koos bewust voor een beperkte uitvraag. Deze bestond uit eisen, wensen en zogenaamde ‘delighters’; de extra’s, de verrassende antwoorden op niet gestelde vragen. Via een contactadvertentie en social media nodigde QuaWonen partijen uit zich in te schrijven. Hierna is een informatieve bijeenkomst georganiseerd voor alle geïnteresseerden. Tijdens de bijeenkomst werd stilgestaan bij de voorwaarden voor deelname, het vernieuwende proces en de rol van een procescoach.
Uit alle ingeschreven consortia selecteerde QuaWonen tien partijen die werden uitgenodigd voor een nadere kennismaking. Deze tien hebben vervolgens tijdens een speeddate-sessie een presentatie van zeven minuten gehouden waarin ze hun visie en doelstelling presenteerden. Alles was openbaar, zo ook de jurering. De jury bestond uit vier werknemers van QuaWonen en een vertegenwoordiger van de bewoners. Zij kozen samen op basis van zachte criteria (‘de klik’),drie winnende consortia. De drie consortia hebben vervolgens de tijd gekregen hun plan verder uit te werken en aan te bieden aan QuaWonen.
In deze acht weken van conceptontwikkeling is er tijdens verschillende bijeenkomsten samengewerkt. De selectie van het winnende consortium vond plaats tijdens, nogmaals, een openbare jurering. Op deze dag presenteerden de drie consortia de plannen aan de jury en aan elkaar. De jury bestond uit vertegenwoordigers van QuaWonen, bewoners en de gemeente. Juryleden moesten na alle presentaties gezien te hebben tot een oordeel komen. Daarbij was een zevenkoppig panel van experts aanwezig om de jury bij te staan, variërend van stedenbouwers en energie-experts tot plan-economen. Uiteindelijk moest de raad van commissarissen van QuaWonen akkoord gaan met het winnende concept. Zij zijn gedurende het hele proces goed op de hoogte gehouden en deden vanuit hun verantwoordelijkheid telkens een laatste (financiële) controle..
SCoop (Simpel Coöperatief) is door de jury als winnend consortium gekozen. Zij hadden het meest energiezuinige concept uitgewerkt met een energiebesparing van 68%. Volgens de jury had dat het meest duurzame wooncomfort als gevolg. Maar Scoop kenmerkte zich ook door twee opvallende ‘delighters’;

De bewoners kregen van Scoop de mogelijkheid om iets extra’s gratis te laten doen in hun huis (verwijderen schoorsteen, vergroten toilet, vergrote hoekkeuken, toilet in badkamer, wasmachineaansluiting naar zolder, wasmachine of vaatwasseraansluiting in keuken, openslaande deuren naar tuin, realiseren open keuken of vaste trap naar zolder). Meer opties waren natuurlijk ook mogelijk maar daar stond dan wel een huurverhoging tegenover.
De bewoners konden bovendien tijdens de verbouwing twee weken hun intrek nemen in een ‘hotelwoning’. Dit omdat de houten vloeren in de woningen vervangen moesten worden waardoor de bewoners niet in hun woning konden blijven tijdens de renovatie (10 dagen). Een hotelwoning is een al opgeknapte en geheel ingerichte woning in hun wijk. Bewoners hebben vervolgens samen (onder begeleiding) het uit de woningen gesloopte vloerhout een nieuw leven gegeven door hiervan tuinmeubelen, straatmeubilair, carports en bloembakken en dergelijke te maken.
In april 2013 is de modelwoning opgeleverd. Door de woning te bezoeken, kregen alle bewoners een goed beeld van hun vernieuwde woning. QuaWonen wist samen met SCoop 100% van de bewoners te overtuigen en september 2014 waren alle 240 woningen al opgeleverd.

Heerenveen; bijzonder samenwerkingsverband

Woningen in bewoonde staat in een paar dagen tijd heel energiezuinig krijgen gebeurt de laatste tijd geregeld. Denk onder andere aan de initiatieven van de Stroomversnelling rond het Nul-op-de-Meterconcept. Wat het project aan de Commandeurstraat in Hereenveen van woningcorporatie Accolade echter onderscheidt van deze initiatieven is dat de productontwikkeling geheel in handen was van een consortium van leveranciers en adviseurs. Te weten de leveranciers Kingspan Unidek, Doorwin en Zehnder-J.E. StorkAir en de adviseurs Trecodome, The Source Group en Van Aken Architecten. Deze zes partijen ontwikkelden gezamenlijk, uitgaande van de LEAN-principes voor efficiënt werken, een woningrenovatieconcept waarbij de schil van de woning wordt vervangen. Het product dat de corporatie kreeg aangeboden was vrijwel geheel uitgewerkt. Het moest alleen nog worden aangepast aan de specifieke locatie.
Built4U schetste daartoe samen met de architect het straatbeeld, leverde digitaal een voorlopig driedimensionaal ontwerp aan (BIM) en maakte middels een factsheet het energieverbruik (voor en na renovatie)  inzichtelijk. Ook werd een kostenraming gemaakt voor het volledige project. Vervolgens werden de bewoners betrokken. Zij beslisten mee over het uiterlijk van de woning. Dat gebeurde tijdens de bewonerssessies. Daaruit kwam een digitaal driedimensionaal detailontwerp (BIM) voort, op basis waarvan de vergunningen en ontheffingen werden aangevraagd. In deze fase werden ook alle vragen betreffende financiering beantwoord.
De uitvoering vond plaats binnen vijf dagen waarbij de bewoner in zijn woning kon blijven. Gedurende het proces werd  het effect van de maatregelen gemonitord door een luchtdichtheidstest. Dit  omdat Built4U naast productgarantie ook garantie geeft op de productprestatie.
In het project in Heerenveen werd nauw samengewerkt met een basisschool in dezelfde straat. Binnen een op de renovatie gericht project over energiebesparing maakten de leerlingen tekeningen die groot op de schuttingen werden afgedrukt die ten behoeve van de bouwwerkzaamheden waren geplaatst. Daarnaast werd een themaweek ‘Duurzaamheid en Energie’ georganiseerd waarbij de kinderen spelenderwijs leerden omgaan met energiezuinigheid.

Amsterdam; Omvangrijk participatietraject

het project De Koningsvrouwen van Landlust  in Amsterdam heeft grote historische waarde. Het betreft namelijk de eerste strokenverkaveling voor arbeiderswoningen in Amsterdam. Bij de omvangrijke renovatie van dit project, bijna 75 jaar na oplevering, werden de bewoners intensief betrokken. Het participatietraject  kent 11 onderdelen, variërend van een excursie en monitoring van een proefportiek tot een vrouwenraad en kinderraad. Energiebesparing vormde een belangrijk uitgangspunt  maar vanwege de monumentale status mocht aan de buitenzijde niet worden geïsoleerd. Daarom werd gekozen voor een box-in-box isolatieconcept voorzien van de modernste installatietechnieken.
De betrokkenheid van de bewoners leidde tot onorthodoxe aanpassingen. Zo werd voor plafondverwarming gekozen omdat de bewoners sterke voorkeur hadden voor kleden en vloerbedekking op de  vloeren. Om te voorkomen dat voor elke technische ingreep mensen over de vloer zouden komen kregen de woningen een extra entreeruimte die ook door de corporatie toegankelijk is, met daarin, naast het warmterugwinningssysteem, ook een ruimte om schoenen op te bergen. Een voorziening die door de bewoners erg werd gemist.
Om ook de bewoners te bereiken die weinig de deur uit gaan en niet goed Nederlands spreken zijn kinderen via de buurtschool ingeschakeld.  Samen met de architect maakten zij woningplattegronden in de vorm van maquettes. Ook interviewden zij hun ouders thuis; Wat vindt u van uw huis? Hoe zou u gerenoveerde woning eruit moeten zien? Van deze filmpjes maakten zij een documentaire.
Bij zo’n complex project als dit gaat natuurlijk niet alles goed. Het proces werd dan ook goed gevolgd en geëvalueerd. Een belangrijke les die de corporatie trok uit deze ervaring is dat je niet te stellig moet zijn in het communiceren over de te verwachten besparingen. Een vernieuwde woning leidt immers tot hernieuwd gedrag hetgeen ook het theoretisch vastgestelde nieuwe energieverbruik beïnvloedt.

KUUB: de kracht van een stagiaire

KUUB  is een stichting die zich richt op de particuliere woningeigenaar. Oorspronkelijk richtte KUUB zich alleen op het realiseren van nieuwbouw maar sinds enige tijd is het speelveld uitgebreid naar energierenovatie en herbestemming.  Tessel de Rooij kreeg als stagiaire , met als specialisatie kunstbeleid en –management, de opdracht bewoners op een nieuwe en leuke manier enthousiast te krijgen voor energiebesparing. Zij besloot dit te doen door kunst en cultuur in te zetten. Haar aanpak werd een groot succes. Nu werkt ze als net-afgestudeerde bij KUUB en werkt haar onorthodoxe aanpak verder uit.

Twee voorbeelden illustreren de aanpak van Tessel. Zo maakte ze een online Energiemuseum  voor het energieloket van de gemeente Groningen,energiemuseum. In dit museum toont ze kunstwerken die energie opwekken of verwijzen naar energiebronnen. Tegelijk zet ze schilderijen in om een verhaal over energiebesparing te vertellen.
Het museum is een succes en kreeg een vervolg, onder andere op de Nacht van de Kunst en Wetenschap. Hier werden de prints van kunstwerken uit het energiemuseum en filmpjes over kunstwerken getoond. Bezoekers zagen in eerste instantie een gek voorwerp of bouwwerk en spraken Tessel aan voor uitleg.  Ze hoefde mensen dus niet aan te spreken met haar verhaal over energiebesparing; de mensen kwamen naar haar toe uit nieuwsgierigheid.

In een ander project haakte ze in op de tool ‘energiecheck’ van het energieloket in  Leeuwarden. De check geeft een gemiddeld energieverbruik per postcode. Tessel kalkte met stoepkrijt  het energieverbruik   op de straat van de betreffende postcode. Ook dit lokte nieuwsgierige reacties uit en openingen voor gesprek. Na afloop maakte Tessel een flipagram  van haar ervaringen die veel werd bekeken. Haar aanpak leidde tot een verdriedubbeling van het aantal mensen dat gemiddeld een energiecheck laat doen op een dag. In Leeuwarden initieerde ze ook ‘de zonnedans’ om de zogenaamde energiekaart onder de aandacht te krijgen.

Haar collega’s kijken reikhalzend uit naar nieuwe ideeën van hun  ‘stille held’.